Nieuws Blijf op de hoogte

22.08.2014

Open brief aan Ann De Craemer.

 

Open brief aan Ann De Craemer.

Roeselare, 22 augustus 2014.

Geachte mevrouw De Craemer,

Ik moet u feliciteren. U hebt het namelijk voor elkaar gekregen dat ik voor de allereerste keer een open brief schrijf om te reageren op wat u allemaal neerpent in columns in België en Nederland. In uw stuk in HP/De Tijd van 19 augustus 2014 (http://www.hpdetijd.nl/2014-08-19/schaf-discussiefora-op-nieuwssites-gewoon-af/) waarin u zich druk maakt over sommige reacties in discussiefora en in sociale media, geeft u zelf reeds aan dat mensen best hun eigen website of hun eigen Facebook-profiel gebruiken om reacties de wereld in te sturen. U vindt zelfs dat redacties maar beter die fora met reacties van de gewone mensen kunnen afschaffen. Daarom dus deze open brief.

Ik kan u helemaal volgen wanneer u zich druk maakt over onbeleefde scheldpartijen. Reacties van mensen die niet op een normale, beschaafde manier hun mening kunnen weergeven, met een minimum aan respect voor de tegenpartij, hoeven inderdaad voor mij ook niet gepubliceerd te worden. Ik zag de laatste tijd inderdaad enkele reacties voorbijkomen die niet langer meer de bal, maar veeleer de man, in uw geval de vrouw, spelen. Alleen vrees ik dat daar net het probleem zit. Ik weet uit sommige van uw stukjes over wielertoeristen dat u zeer sportief bent. In een ander stukje over de wereldbeker voetbal en een Braziliaans jongentje schreef u dat u geen enkele match zou missen. Dan weet u bijgevolg ook dat wanneer een voetballer de man speelt in plaats van de bal, hij hoogstwaarschijnlijk een rode kaart zal krijgen. Dat is precies wat u ook doet in uw blog “Ik hou van taal” in De Morgen van 15 augustus 2014 (http://www.demorgen.be/dm/nl/992/Wetenschap/article/detail/1993370/2014/08/15/Het-augurkenspreekwoord-van-Bourgeois-deed-mijn-hart-in-mijn-keel-kloppen.dhtml). In Nederland schrijft u dat dat bewuste stuk ‘gewoon’ over taal gaat. Alleen eindigt u dat stuk met een persoonlijke uithaal naar Geert Bourgeois. Ik denk dat weinig mensen zich daaraan zouden gestoord hebben indien u kritiek zou hebben geuit op de politicus Geert Bourgeois. Of nog beter, op de functie die de heer Bourgeois in feite geworden is, namelijk minister-president van Vlaanderen en het beleid dat hij voorstaat.

Ik vind het ongepast dat u deze persoon aanvalt op zijn uiterlijk en op zijn gelaatsuitdrukkingen. U schrijft letterlijk over hem ‘een minister die de wereld inkijkt alsof hij net een zure augurk heeft ingeslikt’. De fotoredacteur van De Morgen vond het waarschijnlijk geweldig amusant om dan bij uw stuk de foto van de meest sip kijkende Geert Bourgeois op te snorren. Iedereen die googelt, kan in enkele seconden een foto van een lachende meneer Bourgeois vinden.

De laatste keer dat iemand nogal wat kritiek te verduren kreeg voor gezichtsuitdrukkingen dateert van de deelname van Linda De Win aan het televisieprogramma De Slimste Mens ter Wereld. Ook dat staat netjes gedocumenteerd op Wikipedia, net zoals uw informatie over augurken en komkommers. Dit programma is u welbekend want u heeft ook een poging ondernomen om die Slimste Mens te worden. Mevrouw De Win werd in Facebook-groepen, in allerlei media  en daaropvolgend in sommige praatprogramma’s verweten er agressief uit te zien, te competitief, te verbeten, te gebrand om een spelletje te winnen, ja zelfs een beetje verzuurd. Het duurde niet lang of er kwamen terecht allerlei tegenreacties.

Hoe kan je immers een persoon beoordelen op basis van mimiek en uitdrukkingen. Linda De Win is toch geen verzuurde journaliste? Ze is toch ook geen agressieve dame? Mevrouw De Win heeft gewoon een zelfbewuste uitstraling. Iemand enkel op basis van uiterlijke kenmerken beoordelen en een etiket meegeven is niet zo best vind ik. Het is bijna zoals een boek uitsluitend beoordelen op basis van de omslag.

Het toeval wil ook dat ik u reeds tweemaal mocht ontmoeten. De eerste keer kruisten onze wegen toen we samen een signeersessie hadden in een boekhandel in Roeselare. Ik ben nog steeds blij met het door u gesigneerde exemplaar van ‘De Seingever’ waarin u me succes wenst met mijn volgende boeken. De tweede keer ontmoette ik u achter een tafeltje op de stand van uw uitgever op de Boekenbeurs in Antwerpen. Op beide gelegenheden was u nu zelf ook niet echt een toonbeeld van opgewektheid. Betekent dat daarom dat ik kan besluiten en poneren dat u een schrijfster bent die de wereld inkijkt alsof ze net een zure augurk heeft ingeslikt? En dat u daarom boeken schrijft die ik niet wil lezen? Natuurlijk niet. Ik heb uw boek ‘Vurige Tong’ gelezen waardoor ik mijn persoonlijk oordeel al iets beter kan vormen.

Ook ik heb liefde voor taal. Wellicht op een andere manier. Ik heb geen literaire studies achter de rug. Ik heb een economische opleiding genoten, maar toch beleef ik veel plezier aan onze taal en schrijf ik graag. Ik lig overigens ook niet wakker van de vraag of dat van eenzelfde niveau is als het werk van andere schrijvers. Ik denk dat elke auteur veel tijd in zijn of haar boeken steekt en er steeds aan werkt alsof hij of zij het allerbeste boek ter wereld probeert te schrijven. Als men die ambitie niet heeft, dan zijn al die avonden en dagen schrijf – en verbeterwerk tijdverlies.

Ik denk dat u beter en positiever kan met die stukjes over taal. Minder verzuurd. Want ik wil voortdurend leren van mensen die door hun opleiding en vorming verondersteld worden beter te zijn in een bepaald vak. In uw geval dus literatuur en taal. Ik ben ook voorstander van redacties die sneller en vaker ongepaste en ronduit beledigende reacties op fora filteren en verwijderen. Maar dan verwacht ik ook dat diezelfde redacties sommige schrijvers en schrijfsters die de pagina’s van hun kranten vullen af en toe waarschuwen wanneer ze uit de bocht dreigen te gaan.

Ik kijk uit naar uw volgende columns. Ondertussen staat u ook aan de vooravond van de lancering van uw nieuwe roman. Ik wens u daarbij alle succes toe.

 

Hoogachtend,

 

Ignace Dermaux